In 1904 opende Andries Gaastra een winkel in naaimachines en uurwerken. Het duurde pas tot 1906 dat Andries fietsen ging verkopen. In aanvang waren dat geen Batavus fietsen maar fietsen van het (toendertijd) vermaarde Duitse merk Presto, waarvan hij in 1913 het alleenrecht voor Nederland kreeg. Al snel komt Andries Gaastra erachter dat hij dit soort fietsen ook in eigen beheer kan produceren. En aldus is in 1917 een Nederlands fietsenmerk genaamd Batavus (tot 1923 ook wel Batafus genoemd) geboren.
In 1930 komt door de crisis de klad in de verkopen van de Batavus fietsen. Hierop besluit Andries Gaastra om trapcarriers te gaan ontwikkelen. Deze komen er ook in uitvoeringen tot 125 cc.
Tijdens de tweede wereldoorlog komt de verkoop van de Batavus fietsen nagenoeg stil te leggen, waardoor de vraag in 1945 des te groter is. Batavus fietsen investeert hierdoor dan ook in een nieuwe, moderne fabriek welke toendertijd de modernste ter wereld was. Om deze in 1956 alweer te laten vervangen door een nog nieuwere fabriek in Heerenveen-Zuid.
In de jaren 70 komt Batavus fietsen door verscheidene overnames bij de top van de Nederlandse tweewielerindustrie. Een plaats die ze tot op de dag van vandaag niet meer afgestaan hebben. In 1986 zet de groei zich door een overname van het Atag concern alleen maar voort.
Batavus fietsen is in de loop der jaren een voorloper gebleken op onder andere het gebied van milieuvriendelijk produceren en het ontwikkelen van de elektrische fiets (Batavus fietsen heeft deze al vanaf 1998)